Concordancia KWIC
¿Qué es esto?
Keyword-in-Context shows every occurrence of a word across the texts you choose, one line each, with the word aligned in the middle and its surrounding words on either side. Reading down the centre column lets you see at a glance how the word is used — its recurring neighbours, fixed phrases, and different senses across traditions. It's a tool for studying a word; to find a passage to read, use Search instead.
O elija una carpeta en el árbol de la base de textos:
166 ocurrencia(s) de tor en 4 textos en /nl/Islam
| nl/Islam/De Koran.txt 47 | ||
|---|---|---|
| ien gij Hem alleen aanbidt. 173. Hij heeft u slechts het ges | tor | vene, het bloed, het varkensvlees en datgene, waarover een a |
| en is. 195. En besteedt uw bezit voor de zaak van Allah en s | tor | t u niet met uw eigen handen in het verderf doch doet goed: |
| zijn strijdkrachten te ontmoeten, zeiden zij: "Onze Heer, s | tor | t geduld over ons uit en maak onze voetstappen vast en help |
| , gelijk degene, die langs een stad komende, welke was inges | tor | t, uitriep: "Hoe zal Allah haar doen herleven na haar vernie |
| s als een gladde rots, die met aarde is bedekt, waarop een s | tor | tregen valt, welke haar kaal achterlaat. Zij hebben geen mac |
| vullende, hetgeen er aan voorafgaat en Hij zond voordien de | Tor | ah en het Evangelie als leiding voor het volk en Hij heeft h |
| j zal hem het Boek (de goddelijke Wet) en de Wijsheid en de | Tor | ah en het Evangelie onderwijzen." 49. En hij zal een boodsch |
| ken van uw Heer bevestigende wat vóór mij was, namelijk, de | Tor | ah en om u iets, van wat u was verboden toe te staan; vreest |
| van het Boek, waarom redetwist gij over Abraham, wanneer de | Tor | ah en het Evangelie eerst na hem werden geopenbaard? Wilt gi |
| fd, uitgezonderd hetgeen Israël zichzelf verbood voordat de | Tor | ah was nedergezonden. Zeg: "Komt met de Torah en leest haar |
| rbood voordat de Torah was nedergezonden. Zeg: "Komt met de | Tor | ah en leest haar als gij waarachtig zijt." 94. Degenen die h |
| eggen: "Waren zij bij ons gebleven, zij zouden niet zijn ges | tor | ven of gedood; opdat Allah dit tot een oorzaak van wroeging |
| ood zal u achterhalen, zelfs al waart gij in sterk gebouwde | tor | ens. En als hen iets goeds overkomt zeggen zij: "Dit komt va |
| k, Allah is streng in het straffen. 3. Verboden is u het ges | tor | vene, het bloed en het varkensvlees en al waarover een ander |
| lief. 43. Hoe zullen zij u tot rechter maken wanneer zij de | Tor | ah bij zich hebben waarin Allah's oordeel is? Toch wenden zi |
| af. En zij zijn geen gelovigen. 44. Waarlijk, Wij zonden de | Tor | ah neder, waarin leiding en licht was, waarmede de profeten |
| hun voetsporen treden, vervullende, hetgeen vóór hem in de | Tor | ah was (geopenbaard), en Wij gaven hem het Evangelie, dat li |
| cht en leiding bevatte, bevestigende hetgeen daarvóór in de | Tor | ah was en een leiding en een vermaning voor de godvrezenden. |
| llah heeft vervloekt en over wie Hij Zijn toorn heeft uitges | tor | t en van wie Hij apen, zwijnen en duivelsdienaren heeft gema |
| n tuinen van zaligheid hebben toegelaten. 66. En als zij de | Tor | ah en het Evangelie en hetgeen hun van hun Heer is nedergezo |
| "O, mensen van het Boek, gij steunt op niets voordat gij de | Tor | ah en het Evangelie en hetgeen u van uw Heer is nedergezonde |
| het volk spraakt en toen Ik u het Boek en de wijsheid en de | Tor | ah en het Evangelie onderwees en toen gij door Mijn gebod ui |
| t een eter is verboden te eten, met uitzondering van het ges | tor | vene of vloeiend bloed of varkensvlees, want dit alles is on |
| eer hebben geloofd toen zij ons getoond werden. Onze Heer, s | tor | t standvastigheid over ons uit en doe ons sterven terwijl wi |
| zullen stellig niet in u geloven." 133. Toen zonden Wij de s | tor | m en de sprinkhanen en de luizen en de kikvorsen en bloed ov |
| die de boodschapper, de reine profeet volgen, die zij in de | Tor | ah en het Evangelie beschreven vinden, legt hij het goede op |
| getaste rand stichtte, dat met hem in het Vuur der hel zal s | tor | ten? En Allah leidt het onrechtvaardige volk niet. 110. Het |
| n zij doden en worden gedood - een onfeilbare belofte in de | Tor | ah en het Evangelie en de Koran. En wie is getrouwer aan zij |
| t hun werken als as zijn waarop de wind hevig waait op een s | tor | machtige dag. Zij zullen over hetgeen zij verdienen geen mac |
| indien gij Hem alleen aanbidt. 115. Hij heeft alleen het ges | tor | vene, bloed, varkensvlees en hetgeen waarover de naam van ee |
| dat Hij u zal verdelgen op het land of dat Hij een hevige s | tor | m tegen u zal doen opkomen? Gij zult dan voor u geen bescher |
| daarin niet voor de tweede maal zal terugzenden en dan een s | tor | mwind tegen u doen opkomen en u verdrinken wegens uw ongeloo |
| e tuin had besteed, terwijl het latwerk eveneens was neerges | tor | t en hij zeide: "Had ik maar niemand met mijn Heer vereenzel |
| . Nu vonden zij daar een muur, die op het punt stond in te s | tor | ten en hij herstelde deze. Mozes zeide: "Indien gij wildet, |
| lmboom. Zij zeide: "O, liever zou ik vóór dit geschiedde ges | tor | ven en in de vergetelheid geraakt zijn." 24. Dan riep (Gods |
| . Dezen zijn het over wie Allah Zijn zegeningen heeft uitges | tor | t; namelijk de profeten van het nageslacht van Adam en van d |
| ze vol ongerechtigheid was, zodat de daken er van zijn inges | tor | t en hoe menige bron en opgetrokken paleis werd verlaten. 46 |
| en hen en hun volk, allen tezamen. 52. En dit zijn hun inges | tor | te huizen omdat zij onrechtvaardig waren. Daarin is voorwaar |
| een vuur O Hamaan, om stenen van klei te bakken en bouw een | tor | en, opdat ik moge opklimmen naar de God van Mozes want waarl |
| ier is een groep van uw volgelingen die er samen met u inges | tor | t zal worden. (Zij zullen zeggen:) "Geen welkom voor hen, zi |
| onderdrukker. 36. En Pharao zeide: "O Hamaan, bouw mij een | tor | en opdat ik de toegangswegen moge naderen, 37. De toegangswe |
| an het zich ter aarde werpen. Dit is hun beschrijving in de | Tor | ah. En hun beschrijving in het Evangelie is als het zaad van |
| ot verloochende de waarschuwers ook. 34. En Wij zonden een s | tor | m van stenen over hen allen met uitzondering van de familie |
| evenwicht bepaald 8. Opdat gij het evenwicht niet zoudt vers | tor | en. 9. Houdt de weegschaal naar recht en doet aan de maat ni |
| boodschapper voor u, datgene bevestigend wat vóór mij in de | Tor | ah was, en een blijde tijding gevende van een boodschapper d |
| de Heer van grote genade. 5. Degenen die belast zijn met de | Tor | ah en deze niet naleven, zijn als een ezel die boeken draagt |
| aten? 37. Was hij niet een kleine levenskiem die werd uitges | tor | t? 38. Dan werd hij een klonter bloed daarna schiep en vervo |
| nl/Islam/Quran - Keyzer.txt 40 | ||
| en, gelooven er aan; die welke er echter niet in gelooven, s | tor | ten zich in de ellende. 2:122 O Kinderen Israëls, herinnert |
| ereeren. 2:195 Draagt bij tot verdediging van Gods weg, en s | tor | t u niet met eigene hand in het verderf. Doet goed; want God |
| ijd met Jalut en zijn leger optrokken, zeiden zij: O Heer! s | tor | t geduld over ons uit, sterk onzen voet en help ons tegen di |
| kinderen hebbe die hem gelijk zijn, en dat een vreeselijke s | tor | m met vlammen dien tuin verwoeste? Zoo verklaart God u zijne |
| slechts een gezant. Andere gezanten zijn reeds vóór hem ges | tor | ven: indien hij zou sterven of gedood worden, zoudt gij dan |
| ngen, opdat gij afvallig zoudt worden, en u in het verderf s | tor | ten. 3:150 God is uw beschermer en hij is de beste helper. 3 |
| gaan: Indien zij met ons waren gebleven, zouden zij niet ges | tor | ven of niet gedood zijn. God heeft dit gedaan om hun hart te |
| af des vuurs. 3:192 O, Heer! indien gij iemand in het vuur s | tor | t, zult gij hem met schande bedekken. De goddeloozen hebben |
| ok mocht wezen zal de dood u bereiken; al waart ge in hooge | tor | ens. Indien God hen begunstigt, zeggen zij: Dit is van God, |
| et is u verboden te eten van dieren, die van zelven zijn ges | tor | ven, voorts bloed en varkensvleesch, en datgene waarover een |
| gen, eensklaps door ons werden aangegrepen en in wanhoop ges | tor | t werden. 6:45 En het grootste gedeelte des volks, dat slech |
| leven. 7:84 En wij deden een regen van steenen op hen neders | tor | ten. Zie dus wat het einde der zondaren was. 7:85 En tot Mad |
| gij zekerlijk verdorven zijn. 7:91 Daarom verraste hen een s | tor | m van den hemel, en des ochtends werden zij, in hunne woning |
| dden, zouden wij zekerlijk zegeningen over hen hebben uitges | tor | t, zoowel van den hemel als van de aarde. Maar zij beschuldi |
| e bestijgen op het door ons bepaalde tijdstip; en toen een s | tor | m, vergezeld van donder en bliksem, hen wegnam, zeide hij: O |
| achterblijven. 9:84 Nimmer zult gij voor een van hen die ges | tor | ven is, bidden; sta nimmer bij zijn graf stil, omdat zij nie |
| ren wordt weggespoeld, zoodat die met hem in het hellevuur s | tor | t? God leidt de goddeloozen niet. 9:110 Hun gebouw, dat zij |
| dan met Gods verlof, en hij zal zijne verontwaardiging uits | tor | ten over hen die niet gelooven. 10:101 Zeg: Beschouw alles w |
| :21 Zij zijn het, die hunne zielen in het verderf hebben ges | tor | t, en de afgoden die zij valschelijk uitdachten, hebben hen |
| ing der duistere gezegden geven, en hij zal zijne gunst uits | tor | ten op u en op het gezin van Jacob, zooals hij dit vroeger h |
| unne werken zijn gelijk aan asch, die door den wind op een s | tor | machtigen dag wordt voortgedreven; zij zullen niet in staat |
| beschonkenheid. 15:73 Daarom overviel hun een vreeselijke s | tor | m van den hemel, bij het opgaan der zon. 15:74 En wij keerde |
| kten hen en het goddelijke oordeel, dat zij bespot hadden, s | tor | tte op hen neder. 16:35 De afgodendienaars zeggen: Indien he |
| vonden daar een muur staan, die op het punt was van om te s | tor | ten, en hij zette dien overeind. Daarop zeide Mozes tot hem: |
| boom. Zij zeide: God gave dat ik vóór dit oogenblik ware ges | tor | ven; dat ik vergeten en in vergetelheid verloren ware. 19:24 |
| usten volgde: zij zullen zekerlijk in de hel worden nederges | tor | t. 19:60 Behalve zij, die berouw toonen en gelooven, en doen |
| l zekerlijk eenen last van schuld op den dag der opstanding | tor | schen. 20:101 Hij zal dien eeuwig dragen; en een ondragelijk |
| n voor de zaak van Gods waar geloof, en daarna gedood of ges | tor | ven zullen zijn, aan dezen zal God eene uitmuntende beloonin |
| m o Haman brand mij klei tot steenen en bouw mij een hoogen | tor | en, opdat ik tot den God van Mozes moge opstijgen: want waar |
| 29:37 Maar zij beschuldigden hem van bedrog, waardoor een s | tor | m van den hemel hen overviel; en des ochtends werden zij in |
| nderworpen, en zijne gunsten overvloedig over u heeft uitges | tor | t, zoowel uit- als inwendig? Er zijn sommigen, die zonder ke |
| ek der verheven vorsten (want zij worden van alle zijden bes | tor | md), 37:9 En eene zware marteling is voor hen gereed gemaakt |
| rbarstig hart. 40:36 En Pharao zeide: O Haman! bouw mij een | tor | en, opdat ik de sferen kunne bereiken: 40:37 De sferen des h |
| tot hen is gekomen; daarom zijn zij in een verwarde zaak ges | tor | t 50:6 Zien zij niet op, tot den hemel boven hen; en overweg |
| elijke zondigheid. 56:47 En zij zeiden: Nadat wij zullen ges | tor | ven, en tot stof en beenderen geworden zijn, zullen wij dan |
| van Maria, opvolgen, wien wij het evangelie gaven, en wij s | tor | tten medelijden en liefderijkheid in de harten van degenen, |
| dienst wezen zal. 77:32 Maar hij zal vonken, zoo groot als | tor | ens, uitwerpen. 77:33 Gelijkende in hare kleur op gele kemel |
| rtgebracht). 80:25 Wij doen het water door regenbuien neders | tor | ten; 80:26 Daarna splijten wij de aarde met spleten. 80:27 E |
| :12 En het verderf op de aarde vermeerderden? 89:13 Daarom s | tor | tte de Heer verschillende soorten van kastijdingen over hen |
| over hen uit; 89:14 Want, waarlijk, uw Heer is op een wacht | tor | en, als hij de daden der menschen beschouwt. 89:15 Daarom al |
| nl/Islam/Quran - Leemhuis.txt 48 | ||
| t de godvrezenden is. 2:195 Geeft bijdragen op Gods weg en s | tor | t jullie niet eigenhandig in de ondergang, en doet goed. God |
| bijvoorbeeld op een rots met aarde erop. Dan treft hem een s | tor | tregen en die laat hem kaal achter. Zij hebben geen macht ov |
| bijvoorbeeld op een tuin op een heuvel. Dan treft hem een s | tor | tregen en hij brengt het dubbele aan voedsel op. En als hem |
| en hij brengt het dubbele aan voedsel op. En als hem geen s | tor | tregen treft dan wel dauw. En God doorziet wel wat jullie do |
| komelingen heeft en de tuin wordt getroffen door een wervels | tor | m met vuur erin zodat hij wordt verbrand. Zo maakt God aan j |
| ldig volharden en godvrezend zijn en zij komen op jullie afs | tor | men, dan zal God jullie versterken met vijfduizend aanstorme |
| fstormen, dan zal God jullie versterken met vijfduizend aans | tor | mende engelen." 3:126 God heeft het alleen maar gedaan om he |
| gen: "Als zij bij ons waren gebleven, dan waren zij niet ges | tor | ven en niet gedood." [Zij zeggen het] opdat God dat tot [een |
| lasten op hun ruggen dragen. Is het niet slecht wat zij te | tor | sen hebben? 6:32 Het tegenwoordige leven is slechts spel en |
| un kinderen aantrekkelijk gemaakt om hen in het verderf te s | tor | ten en om hun godsdienst voor hen te verhullen. Als God gewi |
| blijvers." 9:84 Bid nooit de salaat voor een van hen die ges | tor | ven is en sta niet bij zijn graf. Zij hechtten geen geloof a |
| t op de rand van een afbrokkelende oever en er dan mee neers | tor | t in het vuur van de hel? God wijst de mensen die onrecht pl |
| e wind meevoeren en zij zich erover verheugen, tot hen een s | tor | mwind komt en de golven van overal komen en zij denken dat z |
| tten hun niets toen de beschikking van jouw Heer kwam. Zij s | tor | tten hen alleen maar verder in het verderf. 11:102 Zo is de |
| , jij houdt niet op aan Joesoef te denken, totdat jij ineens | tor | t of bij hen behoort die te gronde gaan." 12:86 Hij zei: "Ik |
| n is het zo gesteld: hun daden zijn als as waarover op een s | tor | mdag de wind raast. Zij hebben geen macht over iets wat zij |
| met jullie laat wegzinken of dat Hij tegen jullie een zands | tor | m stuurt? Dan vinden jullie niemand die voor jullie garant s |
| verlenen. Toen vonden zij daar een muur die dreigde in te s | tor | ten, maar hij zette hem overeind. Hij zei: "Als je wilde, ha |
| stam van de palm ging. Zij zei: "Ach was ik maar eerder ges | tor | ven en was ik maar volstrekt in vergetelheid geraakt." 19:24 |
| ervan barsten, de aarde opensplijten en het gebergte ineens | tor | ten, 19:91 dat zij aan de Erbarmer een kind toekennen. 19:92 |
| m hem zal opnemen.? En Ik heb over jou liefde van Mij uitges | tor | t en jij moest onder Mijn ogen grootgebracht worden. 20:40 T |
| ar? 21:81 En aan Soelaimaan [onderwierpen Wij] de wind bij s | tor | m zodat die zich op zijn bevel naar het land spoedt dat Wij |
| zichten van hen die ongelovig zijn, terwijl zij zich bijna s | tor | ten op hen aan wie Onze tekenen worden voorgelezen. Zeg: "Za |
| Zegt hij jullie werkelijk aan dat jullie, wanneer jullie ges | tor | ven zijn en stof en gebeente geworden zijn, dat jullie dan w |
| rtijds waren. 23:82 Zij zeggen: "Zullen wij, wanneer wij ges | tor | ven zijn en stof en gebeente geworden zijn, dan weer opgewek |
| et een slechte daad komen worden halsoverkop in het vuur ges | tor | t: "Wordt aan jullie iets anders vergolden dan wat jullie ge |
| . Hamaan, stel dus leem bloot aan vuur en maak voor mij een | tor | en; misschien kan ik dan opklimmen naar de god van Moesa. Ma |
| ieder voor zijn zonde. Tegen sommigen stuurden Wij een zands | tor | m. Anderen greep de schreeuw. Weer anderen lieten Wij met de |
| en: "Dit is duidelijk slechts toverij. 37:16 Wanneer wij ges | tor | ven zijn en stof en botten geworden, zullen wij dan opgewekt |
| en van hen die denken dat het waar is? 37:53 Wanneer wij ges | tor | ven zijn en stof en botten geworden, zullen wij dan geoordee |
| :56 Hij zegt: "Bij God, bijna had jij mij in het verderf ges | tor | t. 37:57 Zonder Gods genade zou ik een van hen geweest zijn |
| :59 Dit is een groep die zich samen met jullie naar binnen s | tor | t. "Zij zijn niet welkom! Zij zullen braden in het vuur." 38 |
| op de tijd van hun dood en in hun slaap, als ze nog niet ges | tor | ven zijn. Dan houdt Hij die waarvoor de dood beslist is tege |
| eldenaar." 40:36 En Fir'aun zei: "Hamaan, bouw voor mij een | tor | en, misschien kan ik dan de ladders bereiken, 40:37 de ladde |
| llie over jullie Heer hadden heeft jullie in het verderf ges | tor | t en jullie behoren nu tot de verliezers." 41:24 Als zij vol |
| Dit is wel iets wonderlijks. 50:3 Zullen wij dan als wij ges | tor | ven zijn en stof geworden zijn?? Dat is toch een vergezochte |
| chapen heeft 53:46 uit een druppel, wanneer die wordt uitges | tor | t. 53:47 En dat de laatste totstandkoming Zijn taak is. 53:4 |
| en onbeschaamd. 53:53 En de ondersteboven gekeerde [stad] s | tor | tte Hij naar beneden. 53:54 En die heeft Hij toen bedekt met |
| Laaiend vuur en gloeiend koper zal over jullie worden uitges | tor | t en jullie zullen geen hulp vinden. 55:36 Welke weldaden va |
| en in de geweldige zonde. 56:47 Zij zeiden: "Wanneer wij ges | tor | ven zijn en stof en botten geworden, zullen wij dan opgewekt |
| et geloven? 56:58 Hoe zien jullie [het zaad] dat jullie uits | tor | ten dan? 56:59 Zijn jullie het die het scheppen of zijn Wij |
| eilig voor dat Hij die in de hemel is tegen jullie een zands | tor | m stuurt? Jullie zullen het weten hoe het met Mijn waarschuw |
| n wordt? 75:37 Was hij niet een druppel zaad dat werd uitges | tor | t? 75:38 Daarna was hij een bloedklonter. Toen schiep Hij, v |
| Bij de achtereenvolgens losgelatenen! 77:2 En de er op los s | tor | menden! 77:3 En de wijd verspreidenden! 77:4 En de duidelijk |
| die niet tegen de vuurgloed helpt." 77:32 Hij schiet vonken | tor | enhoog, 77:33 alsof het gele kamelen waren. 77:34 Wee op die |
| neer de zon wordt omwonden. 81:2 En wanneer de sterren neers | tor | ten. 81:3 En wanneer de bergen in beweging gezet worden. 81: |
| k op. 92:11 Zijn bezit baat hem niet als hij in de afgrond s | tor | t. 92:12 Het is Onze taak de goede weg te wijzen. 92:13 En v |
| nden 100:2 en de vonken slaanden 100:3 en de 's morgens aans | tor | menden, 100:4 die dan stof opwerpen 100:5 en dan midden in d |
| nl/Islam/Quran - Siregar.txt 31 | ||
| zij niet terug. 2:19 Of als (de gelijkenis, met) een regens | tor | m uit de hemel met daarin duisternissen, donder en bliksem. |
| dden. 2:173 Voorwaar, Hij heeft voor jullie verboden het ges | tor | vene (het niet ritueel geslachte), bloed, varkensvlees, en d |
| aqôen is. 2:195 En geeft bijdragen op de Weg van allah, en s | tor | t jullie niet door eigen toedoen in de ondergang, en doet go |
| geduldig zijn en (Allah) vrezen en zij komen op jullie afges | tor | md, dan zal Allah jullie helpen met vijfdduizend welondersch |
| jn: "Wanneer zij bij ons gebleven waren, zouden zij niet ges | tor | ven of gedood zijn." Opdat Allah dat tot (een bron van) wroe |
| van degenen die op de Weg van Allah gedood zijn dat zij ges | tor | ven zijn. Zij leven zelfs bij hun Heer, zij worden voorzien. |
| oners van de Hel roepen tot de bewoners van het Paradijs: "S | tor | t over ons uit water, of van dat waar Allah jullie mee voorz |
| er mij." Weet, dat zij zich (reeds) in het onheil hebben ges | tor | t, en voorwaar, de Hel onnineelt zeker de gelovigen. 9:50 Wa |
| and van een ravijn, dat dan met hem in het vuur van de Hel s | tor | t? Allah leidt het onrechtplegende volk niet. 9:110 Het bouw |
| unstige wind en zij zich daarover verheugen, en er dan een s | tor | machtige wind tot hen komt. En wanneer de golven vaa alle ka |
| w tot Hem; dan zal Hij de hemel overvloedige regen doen uits | tor | ten over jullie en Hij zal voor jullie kracht toevoegen aan |
| as zijn, dat door een harde wind wordt weggeblazen op een s | tor | machtige dag. Zij hebben geen enkele macht over wat zij hebb |
| verlenen. Toen vonden zij daar een muur die dreigde in te s | tor | ten, maar hij zette die weer recht. Hij (Môesa) zei: "Als ji |
| van een palmboom te gaan. Zij zei: "Was ik maar hiervoor ges | tor | ven en volledig vergeten geweest." 19:24 Toen riep hij (Djib |
| hem zal hem opnemen.' En ik heb Mijn liefde over jou uitges | tor | t opdat jij onder Mijn toezicht grootgebracht werd. 20:40 To |
| an hen hield niet op voordat Wij hen als neergemaaid, uitges | tor | ven maakten. 21:16 En Wij schiepen de hemelen en de aarde en |
| kbaren zijn? 21:81 En aait Soelaimin (onderwierpen Wij) de s | tor | machtige wind, die met Zijn verlof naar het land bewoog dat |
| n (van een oven om) klei (te bakken voor de stenen van) een | tor | en voor mij, moge ik opstijgen naar de god van Môesa. En voo |
| oor zijn zonde. Daarom waren er onder hen over wie Wij een s | tor | m var hagelstenen zonden en waren er onder hen die door een |
| 6 Hij zei: "Bij Allah, jij hebt mij bijna in het ongeluk ges | tor | t. 37:57 En als er niet de genade van mijn Heer geweest was, |
| len over dat waarmee hij tot jullie kwam. Zelfs toen hij ges | tor | ven was, zeiden jullie: "Allah zal na hem nooit meer een Boo |
| Tekenen te ontkennen. 41:16 Wij zonden toen een zeer koude s | tor | mwind over hen, tijdens enkele sombere dagen, om hen tijdens |
| er jullie Heer veronderstelden die jullie in het ongeluk ges | tor | t heeft. Toen gingen jullie tot de verliezers behoren. 41:24 |
| zeggen: "Dat is een verbazingwekkende zaak! 50:3 Als wij ges | tor | ven zijn, en stof zijn geworden (worden wij dan weer opgewek |
| . 52:44 En als zij een stuk uit de hemel (zouden) zien neers | tor | ten, dan zeggen zij: "Stapelwolken." 52:45 Laat hen maar, to |
| uw? 53:46 Van een druppel (sperma), wanneer die wordt uitges | tor | t? 53:47 En dat Hij het andere leven (de opwekking) voortbre |
| gschaal geplaatst. 55:8 Opdat jullie het evenwicht niet vers | tor | en. 55:9 En houdt de weegschaal in evenwicht met rechtvaardi |
| ldige zondigheid. 56:47 Zij plachten te zeggen: "Als wij ges | tor | ven zijn en tot stof en botten zijn geworden, zullen wij dan |
| 56:58 Hoe denken jullie dan over dat (zaad) wat jullie uits | tor | ten? 56:59 Hebben jullie dat geschapen of zijn Wij de Schepp |
| maakten geen voorbehoud. 68:19 Toen ging er een bezoeking (s | tor | m) van jouw Heer in haar rond, terwijl zij sliepen. 68:20 Zi |
| den gelaten? 75:37 Was hij niet eerst een druppel van uitges | tor | t sperma? 75:38 En vervolgens een bloedklonter waarna Hij (h |